Wat is het verschil tussen ISO- en ASME-lascertificering?

Wat is het verschil tussen ISO- en ASME-lascertificering?

Binnen de internationale lastechniek zijn er twee normenstelsels die het meeste voorkomen: het Europese ISO-stelsel (zoals de ISO 9606 en ISO 15614) en het Amerikaanse ASME-stelsel (met name ASME Boiler and Pressure Vessel Code Section IX).

Wanneer u als metaalbedrijf opdrachten aanneemt voor de internationale olie- en gasindustrie, de offshore of de chemische procesindustrie, krijgt u vrijwel altijd te maken met ASME. Maar wat is nu het fundamentele verschil tussen deze twee werelden? Op deze pagina leggen we de belangrijkste technische en organisatorische verschillen helder uit.

De filosofie: Europees (ISO) versus Amerikaans (ASME)

Het grootste verschil zit in de achterliggende benadering van de normen:

Het ISO-systeem: Dit stelsel is sterk opgebouwd rondom geharmoniseerde Europese wetgeving (zoals de EN 1090 en de PED). Het leunt zwaar op onafhankelijke toetsing door een Notified Body (NoBo) of een geaccrediteerde instantie. De geldigheid van certificaten is vaak aan strikte termijnen gebonden.

Het ASME-systeem: ASME is een zogenaamde code. Het legt de nadruk op de verantwoordelijkheid van de fabrikant (Manufacturer). ASME stelt dat de fabrikant zélf verantwoordelijk is voor het kwalificeren van zijn lasmethoden (PQR) en lassers (WPQ). 

Wat is het verschil tussen ISO- en ASME-lascertificering?

Belangrijke technische verschillen op een rij

Hoewel beide systemen de mechanische en metallurgische kwaliteit van een las beproeven, verschillen de testprocedures en geldigheidsklassen op cruciale punten:

1. Terminologie
De benamingen van de documenten zijn compleet anders. In de tabel hieronder ziet u hoe de documenten zich tot elkaar verhouden:

Functie ISO-normering ASME Section IX
Voorlopige lasinstructie p-WPS p-WPS
Definitieve werkinstructie LMB WPS
Methode-kwalificatierapport LMK PWQR (Procedure Qualification Record)
Lasserskwalificatiecertificaat LK / lasser-certificaat WPQ (Welder Performance Qualification)

 

2. Geldigheidsduur van het lasser-certificaat
ISO 9606-1: Een lasser-certificaat heeft een beperkte geldigheid (meestal 2 of 3 jaar) en moet daarna via een laboratoriumtest (herkeuring) worden verlengd.

ASME Section IX: Een ASME lasser-certificaat (WPQ) blijft geldig, mits de lasser het specifieke lasproces (bijvoorbeeld TIG of MIG/MAG) minimaal eens per 6 maanden aantoonbaar heeft uitgevoerd.

3. Materiaalgroepen
ISO deelt materialen in volgens de ISO/TR 15608 (groep 1 t/m 11). ASME gebruikt een eigen systeem met zogenaamde P-nummers (P-No 1 t/m P-No 62). Een ISO-kwalificatie dekt dus nooit automatisch een ASME P-nummer af en vice versa.

Hoe helpt ArcAssure bij ASME-kwalificaties?

Het interpreteren van de Amerikaanse ASME-code vereist specialistische kennis. ArcAssure helpt bedrijven in heel Nederland bij het opzetten van ASME PQR- en WPQ-trajecten. Onze lasinspecteurs schrijven de documenten, begeleiden de proeven in uw werkplaats en coördineren het laboratoriumonderzoek.

Veelgestelde vragen over ISO vs ASME (FAQ)

  • Kun je een ASME-lasmethode gebruiken voor een PED-project (drukapparatuur)?
    De Europese Drukapparatuur Richtlijn (PED) vereist voor hogere categorieën dat de lasmethode en lasser zijn goedgekeurd door een Recognized Third Party Organization (RTPO). Als u een ASME-proef doet zonder dat daar een Europese inspecteur bij aanwezig is geweest, is het certificaat niet geldig voor de PED. ArcAssure regelt deze gecombineerde keuringen (ASME + PED) regelmatig.
  • Mogen onze lassers met een ISO 9606 certificaat lassen aan een ASME-constructie?
    Nee. Als de klantspecificatie of de ontwerpcode ASME Section IX voorschrijft, moeten de lassers specifiek volgens de spelregels van de ASME WPQ zijn gekwalificeerd.